‘Samen komen we het verst’

Laatst hoorde Carla Stenekes van de ouders van een cliënt dat hun dochter had gezegd: ‘Eerst het ene doen, dan het andere, zegt Carla altijd’. “Daar word ik blij van”, zegt Carla (33), persoonlijk begeleider bij Jeugd & Gezin van De Zijlen.

Veiligheid en geborgenheid

Carla werkt op de locatie Hornerhof in Zuidhorn, waar jongeren wonen tussen twaalf en achttien jaar. “Mijn werk bestaat uit het draaien van diensten op de groepen. Dit betekent de jongeren een thuis geven, veiligheid en geborgenheid bieden, hen helpen bij de verzorging en stimuleren in hun ontwikkeling. Als persoonlijk begeleider van een aantal jongeren overleg ik met ouders, school, dagbesteding, organiseer ik overleg met specialisten en regel ik samen met ouders zaken die de jongeren zelf niet kunnen regelen.

Bij ons wonen kinderen en jongeren met een lichte of matige verstandelijke beperking en bijkomende psychiatrische stoornissen en gedragsproblemen. Denk bijvoorbeeld aan een stoornis in het autistisch spectrum of hechtingsproblemen. Ze moeten in een groep kunnen functioneren, de groepsdynamiek aankunnen en zich daarin kunnen ontwikkelen.”


‘Dit betekent de jongeren een thuis geven, veiligheid en geborgenheid bieden, hen helpen bij de verzorging en stimuleren in hun ontwikkeling.’


Toekomst

“Wat ik vooral mooi vind in mijn werk is dat ik jongeren verder kan helpen in hun ontwikkeling, in hun groei naar volwassenheid. Ik vind het prettig om hen die huiselijkheid en veiligheid te kunnen bieden, een mooi thuis te geven, naast hun ouderlijk huis. Ik werk graag met kinderen en jongeren, omdat ze oprecht zijn en zich nog kunnen ontwikkelen. Met jongeren met een licht verstandelijke beperking kun je in gesprek gaan over wat ze willen doen met hun leven. Je kunt er samen over praten wat ze nog willen leren om dat te bereiken.

Het is immers hun leven en daar wil je het beste uithalen, maar ze moeten het wel zelf doen. Bij de een doe je dat helemaal samen en bij de ander zet je zelf de grote lijnen uit in samenwerking met ouders. Het zijn natuurlijk ook pubers met vaak een niet-realistisch ideaalbeeld over hun toekomst. Door eerlijk met hen te praten over wat wel realistisch is in wat ze kunnen bereiken en wat niet, probeer je hun toekomst vorm te geven.”

Zelf ervaringen laten opdoen

“Ik laat hen ook zelf ervaringen opdoen, waar ze van leren en waardoor ze zelf inzien wat tot hun mogelijkheden behoort. Ze overzien zelf niet altijd wat wel en niet kan. Als ik hen dingen opleg, dan accepteren ze dat toch niet. Beter is het om ze het zelf te laten ervaren, waarbij ze op mij kunnen terugvallen. Dat kan alleen maar als ze zich veilig bij mij voelen. Uiteraard heeft dit ook allemaal een formele basis, in de vorm van een cliëntplan, waarin we onder andere het perspectief van de jongeren en de doelen beschrijven. Dat plan bespreek ik met de ouders en samen met de jongere, als die dat aankan.”

Pittige kanten

“Het is mooi werk, maar het heeft ook pittige kanten. Zo neemt de laatste jaren de agressie onder onze jongeren toe. Dan is het soms lastig om de veiligheid te bieden die cliënten en medewerkers nodig hebben. Sommige cliënten kunnen moeilijk vertellen wat hen dwarszit en uiten zich dan in agressie, terwijl ze eigenlijk op zoek zijn naar duidelijkheid en veiligheid.”

Je moet er staan

“Ik ben blij als het op een groep goed loopt, als er rust is en structuur. Dat zorg je als team met elkaar voor. Dit werk kun je niet alleen doen en gelukkig hebben wij een geweldig team. Daarbij is een goede relatie met ouders broodnodig. Ik probeer naar ouders open en eerlijk te zijn over wat we hier doen. Zij kennen hun kind het best. Als we het samen doen, komen we het verst. Ook mooi vind ik de klik met een van de cliënten die een hechtingsstoornis heeft. In het begin moest ze niets van mij hebben, maar nu komt ze op me af gerend als ik terugkom van vakantie. Als begeleider moet je er overigens voor zorgen dat je je niet te veel hecht aan cliënten. Want als ik er niet ben, moeten ze het doen met de anderen. Ze moeten niet afhankelijk worden van één persoon. Ze moeten leren zich veilig te voelen bij alle teamleden. Een voorwaarde om dit werk te kunnen doen, is dat je als begeleider er staat, dat je daadkrachtig overkomt. Je moet veiligheid uitstralen.”


‘Een voorwaarde om dit werk te kunnen doen, is dat je als begeleider er staat, dat je daadkrachtig overkomt. Je moet veiligheid uitstralen.’


Nieuwe ontwikkelingen bij Jeugd & Gezin in Zuidhorn

Op de locatie Hornerhof 7/8/9 in Zuidhorn wonen en logeren diverse kinderen en jongeren. Tot voor kort was er sprake van één team Hornerhof. Sinds 1 november is er sprake van een nieuwe indeling en van een uitbreiding:


Hornerhof 7 wordt opnieuw het logeerhuis van De Zijlen. Het logeerhuis heeft een eigen team, een eigen ingang en een eigen speelterrein. Er is hard gewerkt om de woning opnieuw geschikt te maken voor logees. Sinds half november is er de mogelijkheid om elk weekend te logeren en de opvang uit te breiden tijdens vakanties en op doordeweekse dagen.


Hornerhof 8 en 9 is sinds november de plek voor jeugd met moeilijk verstaanbaar gedrag. Er is gestart met vier kinderen. De huizen zijn geschikt voor tweemaal vier kinderen. Er is een nieuw team samengesteld uit merendeels ervaren begeleiders van De Zijlen.


De overige kinderen die tot voor kort op Hornerhof woonden, zijn op 1 november verhuisd naar de Thomas van de Dijkweg 7 in Zuidhorn. Deze nieuwe locatie huurt De Zijlen van de Zonnehuisgroep Noord. Hierin was eerder een ‘woonhaven’ gevestigd voor dementerende ouderen. Het vertrouwde team Hornerhof is met de kinderen mee verhuisd. Op deze locatie midden in de wijk kunnen tien kinderen en jongeren wonen, verdeeld over twee woonkamers. Iedereen heeft een ruime eigen kamer met sanitair. Op 1 november is gestart met zes jongeren. Op korte termijn hopen begeleiders en jongeren vier nieuwe bewoners te verwelkomen. De kinderen/jeugdigen, ouders/verwanten en medewerkers zijn blij met deze ontwikkeling en de nieuwe locaties.

Thomas van de Dijkweg 7 in Zuidhorn